Op 18 mei j.l werd ik door mijn vrouw uitgezwaaid in Hoofddorp. In de bus, richting Zuid-Frankrijk, Bayonne en vandaar naar Saint-Jean-Pied-de-Port. Het startpunt van mijn wandeltocht naar Santiago de Compostela, waar volgens overlevering de apostel Jacobus begraven ligt.

Na twee maanden van voorbereiding was het dan zover, vrijdag 20 mei vertrok ik om 7.00u ’s ochtends. Ik had een stevige klim van 26 km voor de boeg, door de Pyreneeën, naar een hoogte van 1430 meter. Het was warm en ik had een harde tegenwind. Soms moest je steun zoeken bij een ander om niet om te waaien.

Die dag dacht ik wel eens: waar ben ik aan begonnen. Dit was, bleek later, wel één van de zwaarste klimtochten.

De eerste overnachting was in Roncesvalles, in een klooster, waar zo’n 180 pelgrims konden slapen.

De eerste kilometers zaten erop, nog 780 km te gaan!

Een prachtige wandeltocht, schitterende vergezichten en een mooie natuur.

Je ontmoet veel mede pelgrims en je merkt dat veel mensen onderweg zijn in hun leven: op zoek naar zingeving, een tijd van bezinning.

Jong en oud die ik sprak noemde vaak: is dit mijn leven, wil ik zo verder?

Zomaar een paar gesprekken: op een ochtend schoof ik aan tafel, bij een koffietentje, bij een jonge vrouw. Zij had een banner aan haar rugzak vast gemaakt en ik vroeg erna. Ze kwam uit Calais en was vrijwilligster in het Vluchtelingenwerk aldaar en probeerde op deze manier de nood van de migranten onder de aandacht te brengen en haar hoop was geld te kunnen inzamelen om kleding, voedsel enz. voor deze mensen te kunnen kopen. Zij had er al 1000 km opzitten.

Of later een gesprek onderweg met een oudere vrouw uit Oostenrijk die de Camino al eerder had gelopen om het verdriet te verwerken dat ze had na het overlijden van haar moeder, nu liep ze voor de tweede keer, haar man had de Ziekte van Alzheimer en had het daar erg moeilijk mee. Op deze manier hoopte zij weer tot rust te komen, ze was erg emotioneel. Dan heb je niet zoveel woorden.

Maar natuurlijk waren er ook genoeg mensen die deze tocht op hun ‘bucketlist’ hadden staan of voor de sportieve uitdaging gingen.

Voordat ik vertrok hoorde ik de prediking van Selma, waarin ze ons uitdaagde om het boek Handelingen te lezen in je vakantie. Dat heb ik gedaan.

Heel bijzonder om elke dag, na een dagtocht, een hoofdstuk te lezen.

De eerste week was best pittig; het lopen, het gemis van vrouw, kinderen en kleinkinderen.

Je wordt op jezelf terug geworpen. Veel steun had ik aan liederen uit Opwekking die ik tijdens het lopen zong: Opw 32, 54, 244 en 640.

Ík hef mijn ogen op naar de bergen…… soms was het letterlijk.

Je komt in een soort rust, een flow: geen nieuws, geen krant of t.v.. Alleen de natuur om je heen en ’s avonds God’s woord, soms ook in het Engels of Duits. In haast elke refugio is wel een Bijbel te vinden.

En de ontmoetingen met mensen, geregeld had ik de gedachte dat de hele wereld op de Camino liep, zoveel nationaliteiten en ieder met zijn eigen verhaal. Zo bijzonder!

Uiteindelijk komt de Camino op zijn eind en 18 juni liep ik Santiago de Compestela binnen.

Dit was een korte impressie van mijn belevenissen.

Remmelt Kootstra

2 reactie(s)

  1. Mitchell Bergenhenegouwen schreef:

    Ik zie dat u naar Santiago de Compostella hebt gelopen. Ik ben aan het tranen om half januari er naartoe te gaan. Heeft u nog tips? En ik vroeg mij af hoe u het met het geloof heeft gedaan. Ik hoor graag van u groetjes Mitchell

  2. Klaske schreef:

    Wat een belevenis Remmelt! Fijn dat je dit met ons hebt gedeeld zowel tijdens de tocht als nu in de gemeente.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

*

Inloggen
Nog geen lid? Wachtwoord vergeten?